Baanwielrennen.

Baanwielrennen.

Baanwedstrijden worden verreden op een speciaal hiervoor gebouwde ovale piste, de renners rijden in de regel op een baanfiets. Zomerbanen (in openlucht) hebben een lengte tussen 225 en 550 meter, winterbanen (overdekt) zijn doorgaans 250 meter lang, maar in het geval van een Olympische baan is de afstand altijd 250 meter en meestal overdekt. De helling in de bochten is ongeveer 33 graden.
Onderdelen.
In het baanwielrennen zijn er diverse disciplines:

Sprinten

Individueel

Een sprintwedstrijd wordt verreden door twee (soms meer) renners over twee of drie ronden.

Team

Twee teams van twee of drie renners rijden over een korte afstand tegen elkaar.

Tandems

De tandem, een fiets voor twee personen, was een onderdeel bij de Olympische Spelen tot 1972 en bij de Wereldkampioenschappen Baanwielrennen tot 1994. Het ging om een sprint over 2000 meter.

Tijdrijden

Bij een tijdrit gaat elke renner individueel de baan op, dit kan zowel een staande of een ‘vliegende’ start zijn. Degene die de snelste tijd neerzet wint. De heren rijden op de baan 1000 meter, de dames 500 meter.

Achtervolging

Individueel

Twee renners starten gelijktijdig, de ene aan de startstreep, de andere hier recht tegenover aan de overzijde. De twee renners moeten trachten elkaar in te halen, gebeurt dit niet binnen een vooraf bepaalde afstand dan wint de renner met de beste tijd.

Team

Twee teams, bestaande uit vier renners per team, starten gelijktijdig; de ene aan de startstreep, de andere hier recht tegenover aan de overzijde. De twee teams moeten trachten elkaar in te halen, gebeurt dit niet binnen een vooraf bepaalde afstand dan wint het team met de beste tijd.
Een team haalt een ander team in als ten minste drie renners van het ene team, twee renners van het andere team inhalen. De tijd van een team is de tijd die de nummer drie van het team klokt.

Stayeren

Bij het stayeren rijden alle renners achter een zware motor voorzien van een rol waar de renner zo dicht mogelijk tegen rijdt. De gangmaker staat vaak rechtop om de renner beschutting te bieden. Hierdoor worden hoge snelheden bereikt.

Keirin

In de keirin rijden zes renners achter een derny. Op het moment dat de derny van de baan afgaat, begint de sprint.

Omnium

Een Omnium is een combinatieklassement. Er zijn verschillende vormen:
De Endurance omnium bestaat uit vier onderdelen. Eerst rijden de deelnemers een afvalkoers, puntenkoers en scratch. De eerste acht in het tussenklassement rijden tenslotte tegen elkaar op een achtervolging over 3.000 meter.
De Sprint omnium bestaat uit de onderdelen vliegende ronde, afvalkoers, keirin en sprint.
Sinds 2007 staat de omnium op het programma van de wereldkampioenschappen. Hier rijdt men sprint, scratch, achtervolging, puntenkoers en tijdrit.
Tijdens de Olympische Spelen van 2012 bestond de Omnium uit 6 onderdelen, te weten: vliegende ronde, puntenkoers, afvalkoers, individuele achtervolging, scratch en individuele tijdrit.

Puntenkoers

In de puntenkoers rijden alle renners tegelijk op de baan in een wedstrijd met een vastgesteld totaal aantal ronden. Het totale aantal ronden dat gereden moet worden, is afhankelijk van de baanlengte. De heren rijden 40 kilometer, de dames en junioren rijden 25 kilometer. Na een aantal ronden wordt gesprint – ongeveer elke twee kilometer. Ook dit is afhankelijk van de baanlengte. Bij elke sprint krijgen de eerste vier renners respectievelijk vijf, drie, twee en een punt(en). Indien een renner een ronde voorsprong neemt, krijgt deze 20 punten. De renner met de meeste punten wint de wedstrijd.
Een wedstrijd met een vooraf bepaald aantal klassementen om een vooraf vastgesteld aantal ronden is de Klassementwedstrijd. Deze wedstrijd wordt “in de wandel” onterecht vaak een puntenkoers genoemd. Bij de klassementwedstrijd wint de renner die aan het eind van de wedstrijd de meeste punten heeft. Rondenwinst gaat hierbij voor de meeste punten. Dus een renner kan met minder punten dan een andere renner door een ronde voorsprong de wedstrijd winnen.

Koppelkoers; Madison; Ploegkoers; Jacht

Twee renners vormen een koppel, zij lossen elkaar in principe om de anderhalf à twee ronden af. De afgeloste renner blijft langzaam rijden om even op adem te komen. Net als bij de Puntenkoers zijn ook bij de koppelkoers tussensprints waar 5,3,2 en 1 punt te verdienen zijn voor de eerste 4. Echter, het behalen van een ronde voorsprong gaat vóór het behaalde aantal punten. Dus het koppel met de meeste ronden voor wint, bij gelijk aantal ronden wint diegene met de meeste punten.
De naam Madison is afkomstig van Madison Square Garden waar deze wedstrijd voor het eerst werd gehouden tijdens de Zesdaagse van New York.

Scratch

Deze discipline staat sinds 2002 op het programma van het WK. De heren rijden 15 kilometer en de dames 10 kilometer. Alleen de aankomst op de meet is beslissend voor de klassering.

Zesdaagse

Zoals de naam al doet zeggen duurt een ‘zesdaagse’ wedstrijd zes dagen. Op een overdekte baan komen teams van twee man tegen elkaar uit. Wie aan het eind de meeste ronden heeft gereden is winnaar (zie ook ‘koppelkoers’ hierboven). In de loop van de dagen worden er verschillende deelwedstrijden ingelast waarmee extra punten en, niet onbelangrijk voor de deelnemers, premiegeld is te verdienen.

Werelduurrecord

Bij het werelduurrecord moet een renner zo ver mogelijk rijden in precies één uur.

Bron : Wikipedia

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: