Spaken.

Spaken.

Een spaak is een onderdeel van een wiel. Een wiel bestaat over het algemeen uit een naaf, spaken, velg en om het wiel heel vaak een band.
De spaken vormen de verbinding tussen de velg en de as.
De spaak wordt door de velg heen gestoken en op het uiteinde wordt een nippel gedraaid. De meeste nippels kunnen zowel op de kop (met een schroevendraaier) als langs de spaak (met een spakenspanner of eventueel een steeksleuteltje) vastgedraaid worden.
Omdat spaken door de velg heen steken, is ter bescherming van de binnenband een velglint noodzakelijk.
Dit is een lint dat in de velg ligt en de spaken afdekt.
Bovendien is het gebruik van een tubelessband niet mogelijk, omdat de lucht langs de spaakgaten zou weglekken.

Geschiedenis.

De eerste fietsen hadden houten wielen. Om dat gewicht naar beneden te krijgen, verving men de houten wielen door wielen met een dunnere metalen velg en dunne metalen spaken. Zoals vroeger bij de houten spaken werden deze spaken radiaal aangebracht, dit wil zeggen dat elke spaak door de as van het wiel wijst. Wanneer men echter de spaken dunner maakte en dichter bij de as liet aangrijpen, kwam men in grote problemen. De spaken begonnen af te knappen als lucifertjes. Het duurde tot 1874 voor James Starley (Coventry, Verenigd Koninkrijk) met een oplossing kwam.

James Starley kwam met het idee om telkens een paar spaken te nemen en die langs elke kant van de as te laten vertrekken.
Als men recht op de as kijkt krijgt men een spaak links en een spaak rechts , die ongeveer diametraal tegenover elkaar aangrijpen op de as.
In rust hangt de as als het ware aan de twee spaken. Als men de as doet draaien, bijvoorbeeld naar rechts, dan zal er aan de rechtse spaak getrokken en op de linkse geduwd worden.
Dat duwen zal in de praktijk neerkomen op een vermindering van de spanning vergeleken met die in rust.

Voor een duidelijke uitleg over het bouwen van een wiel kunt u op deze pagina terecht.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: